
Het begon allemaal in de 9 e eeuw, toen de Praagse burcht werd gebouwd. Later, tijdens de 12 e en 13 e eeuw werd deze eerste versie versterkt en uitgebouwd en ontstond er een leefgemeenschap om de burcht. In 1257 verkreeg de Kleine Zijde, zoals de plaats nu genoemd werd, stadsrechten. Onder Koning Karel IV, die veel verbeteringen en projecten in Praag tot stand bracht, werd ook de burcht volledig gerenoveerd en uitgebreid. De Habsburgers breidden de burcht nog verder uit en kleedden het interieur aan in barokke en neoklassieke stijl.
Veel later, na de Eerste Wereldoorlog, werd de burcht de hoofdzetel van de regering en vandaag de dag is het de officiële residentie van de president van de Tsjechische republiek.
In de burcht is het net alsof je door een kleine stad loopt; er zijn verschillende straten en drie binnenpleinen die met mooie poorten met elkaar verbonden zijn. De Matthiaspoort, tussen het eerste en tweede binnenplein is een schitterend barok portaal. Op het tweede binnenplein bevindt zich een mooie fontein en de kapel van het Heilige Kruis. Aan de linkerkant bevindt zich een paleisvleugel met daarin museum met een collectie renaissance en barokke doeken. In de andere vleugel bevinden de kantoren van de president en deze zuilengang leidt naar de derde binnenplaats waar de Sint-Vituskathedraal is.
Verder kun je nog de Vladislavzaal in het koninklijk paleis bezichtigen, alsmede de Sint Jorisbasiliek en –klooster. In het klooster is nu een museum gevestigd. Ook een aantal torens in de Praagse burcht kunnen bezocht worden en verder mag je uiteraard het Gouden Straatje niet missen; een eeuwenoud klein steegje met pittoreske kleine huisjes. Naar verluid probeerden de alchemisten hier ooit metaal om te vormen tot goud.

